Bijdrage Verklaring van geen bedenkingen Zonnepark Vlagtwedde

[...] Mevrouw Van der Horst: In de vorige vergadering heb ik al behoorlijk wat argumenten genoemd om te laten zien dat de Partij voor de Dieren natuurlijk niet kan instemmen met een dergelijk plan. Ook de toegevoegde informatie, veelal herhaling of weinig van toegevoegde waarde heeft, heeft onze mening niet veranderd. Blijft dat men achteraf met allerlei belofte en aanpassingen probeert het plan er alsnog door te krijgen terwijl er veel zaken onduidelijk blijven. Op internet vond ik bijvoorbeeld dat Vlagtwedde zonnepark begin mei eigenlijk al van start is gegaan terwijl het eind mei bij ons in de raad kwam. Ik vraag mij dan af, zijn alle inzendingen, al die gesprekken, al die locatiebezoeken, de inspraken en zienswijzen dan voor niks geweest. Was dat achteraf misschien overbodig. Waren er misschien al harde toezeggingen geweest. Het proces getuigd niet van respect voor de raad en de burger, daar zijn we het allemaal over eens. Toch verbaast het mij dat men daar zo makkelijk overheen stapt. Dat men zegt oké dat is niet zo mooi gegaan maar laten we kijken hoe we verder kunnen. Als laatste zou ik toch nog twee dingen willen zeggen. Door enkele raadsleden werd een argument voor dit park gehaald dat we flinke stappen zouden maken in het energieneutraal maken van onze gemeente. Maar energieneutraal maken van onze gemeente betekent dat de kosten die mensen maken of de energie die mensen gebruiken voor hun energie dat die teruggewonnen worden uit natuurlijke middelen. Zodat wij neutraal zijn en geen belasting hebben op de aarde. Dat is heel wat anders dan dat je een investeerder in onze gemeente haalt, dat daar grote panelen worden neergelegd, dat de winst daarvan naar de investeerders gaat en dat de burgers daar dus helemaal niets aan hebben. Er wordt natuurlijk wel een klein groepje genoemd dat mag investeren in de grond maar dat is heel iets anders dan het plan dat wij voor ogen hadden. In de raad is een argument gebruikt dat dit park ons de gelegenheid geeft om bij te kunnen dragen aan de transitie die nodig is omdat de wereld in brand staat. Als geen ander is onze partij al jaren aan het roepen dat dit gebeurt. Maar dit park heeft als achtergrond een groot Chinees bedrijf dat winsten investeert in kolenmijnen en chemische fabrieken. Ik denk niet dat je daarmee een hele grote stap maakt in het neutraal maken van alle problematiek in onze wereld. Ik hoop dat ik nog even mag reageren. Er zijn veel dingen waar ik op had willen reageren. Van de VVD begrijp ik natuurlijk dat het vanuit een financieel oogpunt wordt bekeken. Gemeentebelangen heeft nog een aantal dingen genoemd die ik ook wilde noemen. Maar ik wil graag even reageren op mevrouw Hemmen van het CDA. Ze gebruikt het woord eenzijdig. Ik denk niet dat er eenzijdig is gereageerd op alle dingen die wij te lezen hebben gekregen. Ik denk dat het plan eenzijdig is. Dit plan laat zien dat er geld verdiend moet worden. Dat is de boodschap. Dat hebben we gezien in de beantwoording aan de mensen die de moeite hebben genomen om een zienswijze in te dienen. Dat hebben we gezien aan de wijze waarop men over de emotionele bijdrage van deze mensen stapt. Mevrouw Hemmen neemt als voorbeeld burgerparticipatie, is wel heel belangrijk, maar dat kan niet altijd en dan noemt ze een zeepark. Maar in dit geval was burgerparticipatie bij uitstek geschikt geweest om al die projecten op te zetten. En dan zijn mensen nu langs bewoners gegaan. Het verraste mij ook dat een aantal mensen, eerst bewoners, moet horen en dan denkt oh ja, oh ja. Mensen hebben dat letterlijk uitgesproken, ik realiseer me nu, terwijl eigenlijk denk ik als wij een goed proces hadden gehad dan hadden we die dingen vooraf gedaan en dan hadden we geweten wat het met onze inwoners deed. En volgens mij zitten wij daarvoor. We hebben een onderzoekende, controlerende taak en die is ons min of meer ontnomen in dit geval. Dan kan je achteraf wel komen met allerlei middelen om te zeggen het is niet zo leuk gegaan maar we kunnen dingen aanplakken. Ik vind het onjuist wat er gebeurt. Ik vind dat dat niet kan.

[...] Mevrouw Van der Horst: Mevrouw Hemmen zegt Cittaslow moet ons niet belemmeren in bepaalde dingen. Wij hebben ons gecommitteerd aan een bepaald gedachtegoed. En net als met principes kun je niet zeggen nu komt het ons wel uit en dan even niet. Cittaslow heeft het over kleinschalig, heeft het over vanuit de bevolking, heeft het over het milieu en alle andere zaken die belangrijk waren. Daar valt dit onder. We waren bezig om een plan te schrijven over duurzaamheid in onze gemeente waar de inwoners plezier van zouden hebben en waardoor we dus evengoed een goede bijdrage leveren aan het klimaatneutraal maken van onze aarde. Dan is dit plan uit de lucht komen vallen, maar dat wil niet zeggen omdat het toevallig nu is dat we alles opzij moeten schuiven. We zijn Cittaslow, dat willen we graag. We moeten er nog wel veel aan doen. Het is nog niet echt goed op de rail maar daar staat in kleinschalig en met de burgers. Dat zijn belangrijke dingen. En dat had gekund in dit plan. De burgerparticipatie die we belangrijk vinden is niet eenzijdig aangepakt door ons hier, de mensen die gesproken hebben, men heeft laten zien dat juist dit plan de burgerparticipatie totaal van tafel heeft gehaald. Er is absoluut geen participatie. Achteraf wel. Harpel krijgt nu wat geld. En als we nou die bessen zo neerzetten komt het goed. We komen nog even bij u langs. U mag hier vertellen hoe vreselijk u het vindt. Maar dat is geen burgerparticipatie. Burgerparticipatie met een mes op tafel, hoe gaan we het met elkaar doen om deze gemeente nou even goed energieneutraal te maken. Dat is heel iets anders. Tenminste, ik versta iets heel anders onder burgerparticipatie.

[...] Mevrouw Van der Horst: Ik wil graag drie reacties geven. Ik zou graag willen beginnen met een reactie op een uitspraak van wethouder Lok dat ik suggestieve dingen op tafel leg. Ik werp dat verre van me, dat is zeker niet de bedoeling. De chronologie vraagt aan mij om vragen te stellen. En als ik zie dat iets al geregeld is en daarna gaan we vragen aan mensen wat ze ervan vinden is er niks meer aan te doen, dan ga ik me afvragen hebben die mensen dat misschien voor niks gedaan. Daar zit niks suggestiefs in. Als het zo is gevallen dan spijt het mij dat ik mij zo slecht uit. Het tweede is, ik wil graag reageren op mijn collega meneer Hoftijzer van de Partij van de Arbeid. Eerst denk ik dat hij een deel van de raad onderschat door te zeggen dat wij niet weten wat ons boven het hoofd hangt. Mijn partij is in ieder geval al jaren aan het gillen omdat wij weten wat ons boven het hoofd hangt. Dan zegt u, we moeten een beslissing nemen voor alle burgers. Dat onderstreep ik natuurlijk enorm. Maar ik denk dat het niet gebeurt met dit plan. Want het plan wat wij hadden was er juist voor alle burgers. Dat was er voor alle burgers dat iedereen kon participeren, eigen energie had, dus niet tegen gereduceerd tarief maar eigen energie zou hebben in hun eigen kleine coöporaties. Dat is iets anders. U geeft aan dat er voordelen zijn omdat er bijvoorbeeld bloemenranden komen en minder gif. Maar daar hebben we zo'n park helemaal niet voor nodig. Als er goede akkerranden om alle monoculturen leggen en als we minder gif gaan gebruiken bereiken we hetzelfde, misschien zelfs wel meer. Dan kom ik aan mijn collega van D66. U zegt we zijn nu eenmaal slecht van start gegaan we kunnen maar beter verder gaan. Het is niet te hopen dat aannemers dat doen met het bouwen van huizen. Volgens mij kan
je veel beter zeggen we zijn verkeerd begonnen, we hebben voortschrijdend inzicht, laten we terugkeren in plaats van door te gaan met iets waar we verkeerd mee zijn gestart.

[...] Mevrouw Van der Horst: Ik denk dat we als raad een bepaalde taak hebben. En ik denk dat we die zo goed mogelijk willen uitvoeren. Het is lastig als je een afwijkende mening hebt. Het is lastig als je probeert vanuit bepaalde idealen mensen te overtuigen van dat we het anders hadden moeten doen. Ook het geplak, het geknip, het proberen toch aan te passen om er iets van te maken, ik ben daar zelfs van in de war. We hebben het hier regelmatig over behoorlijk bestuur. Ik begin me af te vragen of we dat nog aan het doen zijn. Eén ding kan ik van mijn partij zeggen, we zijn principieel, we staan ook voor wat wij vinden, dus wij zullen heel, heel bewust nee zeggen tegen dit plan.